De O van onpeilbaar verdriet
Het eerste dat opvalt aan de poëtische roman ‘Erosie’ van Astrid Haerens is de cursief gekantelde O in de titel. Een O die wegglijdt, net als Helle in de roman, nadat haar hartsvriendin Alma besloten heeft om haar te ghosten. Dat gebeurt na ruim twintig jaar waarin ze lief en leed gedeeld hebben. Niet voor niets benoemde Alma hun vriendschap ooit als ‘de meest waarachtige vorm van liefde’.
Alma’s afwijzing vreet dan ook aan Helle, ze holt haar uit – O voor gapend gat. Omdat het Helle niet lukt om van Alma los te komen, zoekt ze tijdens haar rouwproces haar toevlucht op een Duits Waddeneiland. Daar helpen strand, zee en vogels om zichzelf heruit te vinden, evenals haar speurtochten naar schelpen en stenen – de O’s dansen soms ook in allerhande formaties over de bladzijden als door water en wind gepolijste keien; of ook wel als verklanking van zowel weemoed als hoopvolle verzuchting.
En O, voor ik het vergeet: dat het woord vriendschapsverdriet volgens Van Dale niet bestaat, zal je na het lezen van ‘Erosie’ alleen maar verbazen.
Op mijn blog heb ik nog iets uitvoeriger over ‘Erosie’ geschreven.
Synopsis
Nadat haar levenslange vriendin het contact verbreekt, trekt een kunstenaar zich terug op een Duits waddeneiland om haar rouw te verwerken.