Poëtisch hoogstandje
In 1934 vertrekt Christiane Ritter naar het verre Spitsbergen om samen met haar man en een vriend een jaar lang in een kleine hut te wonen. In het begin vindt ze de kou en de eenzaamheid tijdens de Poolnacht erg moeilijk, maar dat verandert langzaam. Ze gaat de natuur op een heel bijzondere manier bekijken.
Het boek staat vol met prachtige beschrijvingen van het ijs en de sneeuw. Christiane schrijft bijna als een dichter over het noorderlicht en de eindeloze witte vlaktes. Ze laat zien dat de natuur op Spitsbergen weliswaar gevaarlijk en onherbergzaam is, maar tegelijkertijd ook heel erg mooi en rustgevend.
Synopsis
Reisverhaal van de eerste vrouw die op Spitsbergen overwintert, in 1934.